81. Aanvaring

Aanvaring

Aanvaring. Ik heb goed nagedacht voordat ik dit openbaar ga delen, omdat het wel erg persoonlijk is. Voordat je het weet gaan ze over je praten! En omdat het zo’n interessant voorbeeld is, met betrekking tot een van mijn specialisaties wil ik het toch graag meenemen en delen. Het hoort erbij. Ook hier in huis is het niet altijd rozengeur en maneschijn. Zeker nu de druk betreft werk in combinatie met de laatste loodjes hoger wordt. Dan hebben we wel eens een aanvaring. En ik ben me bewust dat René momenteel drie knikkers in de pot doet (blog 63) tegen een halve van mij. En dat halve knikkertje van mij kan wel eens net zo veel moeite kosten.

Grenzen

Grenzen bewaken tijdens een aanvaring. De details van de aanvaring laat ik achter wege. Het gaat tenslotte niet over oordelen wie er gelijk heeft. Het gaat om de dynamiek die er tussen ons speelde. De essentie is, dat een mooie eigenschap van René, die ik wel bewonder, is dat hij graag een stapje extra doet. In zijn werk is het vaak nodig door te pakken. En dat schept soms irreële verwachtingen naar mij toe. En wie verwachtingen heeft kan teleurgesteld worden. Ik ben een aantal jaren geleden geminderd met mijn grenzen te overschrijden en zeker nu is het belangrijk mijn grenzen goed te bewaken.

De aanvaring

De aanvaring begon omdat ik even wilde overleggen. René wilde het aan een derde vragen. Ik zei: Ho! Als er nog niet over gesproken is, dan niet. Met een duidelijke “nee” er achteraan. Vervolgens doet René “ja” onder het mom van een, in mijn beleving, knullige drogreden, met daar achteraan een valse opmerking. Ik voelde me genegeerd in mijn “nee”, zonder reële reden met vervolgens als toetje kwetsende boodschap. Op dat moment zei ik even niets. Ik ging met mijn aandacht naar wat ik voelde en trok me terug. Later op de avond negeerde ik René om te laten blijken dat ik not amused was. Ik dacht:  “Bekijk het effe, ik ga nu niet doen alsof alles koek en ei is. Ik pak nu ook een hele knikker uit de pot!”

Piepzak

Een aantal jaren geleden had ik vreselijk in de piepzak kunnen raken. Dat viel nu wel mee, maar ik merkte dat de opwinding mij geen goed deed. Ik had meer opvliegers en kon slecht in slaap komen. En nu komt het. Die ochtend besloot ik het direct te bespreken. “Ik vond dat je niet zo aardig tegen me was gisteren”. “Oh, nee?  Wat heb ik dan gezegd?” Was zijn antwoord. Dus ik herhaalde wat ik heb gehoord en verstaan. “Dat heb ik niet gezegd.” Zo dan, een knap staaltje gashlighting waar ik al helemaal niet op zit te wachten! Nu komt dit zelden voor en daar geef ik ook zeker geen ruimte meer voor. Want zoals mijn moeder altijd zei: “Gelegenheid maakt de dief” Ik herken dit soort dingen tegenwoordig door wat afstand te nemen en te denken: “Wat gebeurt hier feitelijk?”  Ik heb wel een chemo hoofd en ben evengoed bij de tijd hoor. Misschien was het niet de bedoeling dat ik het hoorde of was het niet zo hard bedoelt, maar ik weet dondersgoed wat ik gehoord heb. Jij had ook kunnen aangeven dat jij het het graag wilde, zonder smoes met sneer. Been there, done that.

Keuze

Op dat moment heb ik dus de keuze hoe te reageren op deze uitnodig tot discuszeuren. Zo’n gesprek leidt enkel tot een eindeloze wellus, nietus strijd met frustratie en leed. Of er worden allemaal oude koeien uit de sloot gehaald met details die er helemaal buiten staan. Ik nam een besluit. Omdat ik gezegd had wat ik wilde zeggen was voor mij de kous af en ging ik over op de orde van de dag. Ik mijn waarheid, jij de jouwe. Dan kunnen we beiden weer verder en is de lucht geklaard. We zeggen tenslotte allemaal wel eens uit uit teleurstelling of onmacht, waar we later spijt van hebben. Ingaan op de uitnodiging tot discussie of verklaren en verdedigen maakt enkel onzeker en kans op herhaling. Een assertieve houding met vertrouwen in wat ik zelf gehoord heb maakt het onbelangrijk of het wel of niet gezegd is. Volgende keer graag anders was mijn boodschap. 

80. Opgesloten

Opgesloten

Opgesloten. Momenteel breng ik  het grootste deel van de tijd door opgesloten in onze slaapkamer. Ik heb dikke verkering met ons bed. Gelukkig kan ik daar over het algemeen wel goed tegen. Het is tijdelijk en er is contact met de buitenwereld mogelijk. Waar ik minder goed tegen kan is het gevoel opgesloten zijn in mijn lijf.

Opgesloten in mijn lijf

Het voelt vaak of ik opgesloten zit in mijn lijf. Gelukkig ben ik niet verlamd, want dat zou ik nog veel erger vinden. En ik voel me zo zoetjesaan behoorlijk beperkt in mijn bewegingsvrijheid. Mijn lijf kan nu niet doen wat mijn hoofd wil vanwege gebrek aan energie. Dat begin ik  aardig beu te worden. Vooral omdat het steeds langer duurt voordat ik me na de behandeling weer wat beter voel. Waar ik me eerder rond maandagmiddag weer een beetje mens voelde. Duurde het herstellen langer en is het sneller tijd voor de volgende behandeling.

Letterlijk opgesloten!

Omdat ik maandagmiddag vond dat ik lang genoeg opgesloten had gezeten. Ben ik eigenwijs naar de garage gegaan om de zelf gekweekte afrikaantjes in potjes te zetten. Een licht klusje wat in verband staat met leven en groei. René was bezig met zijn machines op het erf. Terwijl ik in de aarde zat te wroeten, ging het rolluik van de garage naar beneden. Ik dacht nog: “Ha, ha, René, lollig hoor.” En ik negeerde het. Bovendien was ik in de veronderstelling dat ik de roldeur van binnenuit ook kon bedienen. Het is allemaal vrij nieuw en ik heb er nog geen ervaring mee. Niet dus! Daar zat ik met Willem opgesloten in de garage…. 

En nu?

En nu? Ik ging eerst eens even zitten. Door het raam kon ik zien dat de schuurdeuren waren afgesloten. René was naar binnen. Nou, dat kan wel even duren voordat hij door heeft dat ik hier opgesloten zit. Omdat ik snel zweet, koel ik ook snel af en de garage is momenteel nog niet op kamertemperatuur. Hoe trek ik de aandacht? Ik begon met een bezem te tikken op het raam en de muur, met de hoop dat Mylo binnen zou gaan blaffen. Dat gebeurde niet. Tussen wat oud speelgoed van Jaro vond ik een blokfluit, maar dat geluid deed blijkbaar zeer aan de oren van Willem. Toch maar weer met de bezem kloppen. En ja hoor, daar ging de roldeur gelukkig omhoog en werden we bevrijd!

Doel

Deze week had ik een doel. Op dinsdag heeft Jaro een korte schooldag.  Als we naar school rijden besef ik dat de timing van mijn herstel geweldig is. Het is licht en niet zo koud. Dat maakt het beter haalbaar om Jaro zelf naar school te brengen. Het is vanwege de tijd niet de moeite om terug te rijden naar huis. Ik rij door naar Alkmaar. Op mijn adres van buurtdiensten is er in de loop van de jaren een ritueel ontstaan. Ieder jaar halen we op de markt tuinplantjes. Voor mijn andere taken is er, naar tevredenheid vervanging geregeld. Dit wilde ik toch graag zelf doen met meneer. Met wat extra paracetamol is het gelukt! Het zweet droop van me af en voordat ik weg moest stonden de plantjes in de pot en hebben we genoten van elkaars gezelschap en koffie met een tompouce. Thuis gekomen ben ik meteen ons bed weer ingedoken. Eigenlijk was het te gek, maar ook de moeite waard, want het ziet er weer erg gezellig uit!

Hoe is het met Jaro?

Jaro voelt zich ook niet snel opgesloten. Hij heeft veel behoefte aan “me time”. Toen de scholen weer werden geopend was hij de enige die dikke tegenzin ervaarde. Het feit dat zijn leeftijdsgenoten hem daarin niet begrijpen, geeft hem juist een eenzaam gevoel. Bovendien beginnen de laatste loodjes voor hem ook zwaarder te wegen. Een aantal klasgenoten weten dat ik chemotherapie krijg en steunen hem heel pittig. En hij wil het niet aan iedereen in de klas vertellen. “Ik wil niet dat ze me zielig vinden” Net als iedere puber is hij op zoek naar steun en begrip enerzijds en zelfstandigheid anderzijds. Wel onder een optelsom van bijzondere omstandigheden. Dat vraagt heel veel energie, naast het continue jetlag gevoel wat pubers sowieso ervaren. Jaro voelt zich overvraagd. Op het moment dat we een mail naar de mentoren hebben verstuurd, met het verzoek een extra oogje in het zeil te houden, is hij zichtbaar opgelucht.

En René?

René brengt me nog bijna iedere morgen heel lief een ontbijtje. En als ik in de keuken kom is de vaatwasser leeg. Dat vind ik toch zo fijn! Het is een beetje gek seizoen dit jaar. Normaal gesproken is René allang aan het grasmaaien bij de boeren. Dit jaar was het nog te koud. En nu het gras inmiddels zo ver is, is de grond te nat. Enerzijds geeft dat lucht. Het is toch het fijnste als René mij zelf kan halen en brengen naar het ziekenhuis. Anderzijds geeft het druk en onrust. Straks komt alles in een keer en wil iedereen tegelijk?! Zelf meddert René nu ook met spierklachten. De hele toestand heeft impact op ons allemaal en brengt nu eenmaal spanning en ongemak met zich mee.

 

 

79. Dip dag

Dip dag

Dip dag, daar is ie weer. De troep komt eruit. Na een goede nachtrust, ondanks een verstopte neus, weer brak wakker geworden. Ik voel me als een opgezwollen Michelin poppetje. Enkel zonder brede grijns. Wat een ellende is dit toch iedere keer weer. “Alles komt een gaat” , zeg ik tegen mezelf. “Morgen in de loop van de dag zal het weer beter gaan.” Galbulten ploppen weer op. Dat jeukt. Kleverige stinkende ontlasting. Onverwachte stuiptrekkingen als een ongelukkig uitgevoerde breakdance. Het ene moment bok koud en rillingen, het andere moment slaan de vlammen uit mijn hersenpan en breekt het zweet uit. Zere nagels, hoofd, botten en spieren. Algehele malaise gevoel. Ik onderga het weer lijdzaam. Het is een fase. Hierna nog maar vier keer. Nog even uithouwen. Ik voel me kwetsbaar en huilerig. Alles lijkt te veel.

 

Gisteren

Gisteren ging het nog wel. De nacht na het infuus slaap ik altijd onrustig. Zo druk in mijn hoofd! Overdag ging het wel aardig. Niet dat ik de tuin zou gaan spitten, maar stofzuigen kon wel effe dacht ik… Verkeerd gedacht, de wereld begon te draaien als een carrousel die niet van plan was te stoppen. Beetje jammer, het stofzuigen had ik beter kunnen laten. Dus maar weer effe plat. Wachten tot het afzakt. Experiment mislukt. Volgende keer beter.

Vandaag is weer een dip dag

Vandaag dus weer een dip dag. De afscheiding van de cytostatica brengt ongemakken met zich mee. Ik wil douchen en het is nu zo’n onderneming. Strakjes. Het liefste zou ik ons bed twee keer per dag verschonen. Mijn kleding gaat regelmatig schoon aan en weer uit naar de wasmand. Alles is wazig en watterig. Blehh! In de overgave maar weer. Het einde van deze tunnel is in zicht…hierna nog 4,3,2,1,0!  Ik kijk er met verlangen naar uit!

78. Verlangen

Verlangen

Ik heb verlangen naar van alles in het leven! Nu het einde in zicht komt en ik de chemo behandelingen op een hand kan aftellen voel ik weer verlangen naar de dingen die nu nog niet mogelijk zijn. Sauna bezoek, wordt afgeraden tijdens chemo. Lijkt me ook effe te heftig omdat ik nu soms al hartkloppingen heb. Een heerlijke ontspanningsmassage. Ik ging een keer in de maand, heerlijk!  Cadeautje voor mezelf. Nu ook nog niet haalbaar. Gezellig lunchen of wijnen met vriendinnen! Varen met de zwoele zomer wind op mijn huid. De oudste uit Polen komt van de zomer over met zijn vriendin als het Corona verantwoord is. Mijn vriendin uit Ierland komt in deze herfst. En natuurlijk weer de spontane seks en stromende levensenergie! Samen klussen op het erf. Wandelen met de hondjes, zonder dat na honderd meter het zweet van me af gutst. Werken zal nog niet direct gaan, maar wel lekker op weg naar beter. Genoeg om op te verheugen!

Geduld

Waarschijnlijk moet ik nog even geduld hebben. Zo’n chemo traject put ook de reserves van mijn lichaam uit. Die moeten eerst worden aangevuld, als dat al helemaal lukt. Dit is wat het nu nog is. Moe, best uitgeput. Van de week zei René, “doe eens zo?” Hij blootte zijn tanden. Ik deed hem na. Tja, zuchtte hij, je tanden zijn ook helemaal verkleurd door de chemo. Dat vind ik wel verdrietig en ik hoop dat het bijtrekt als de behandelingen stoppen. Een lach met gele tanden geeft toch een andere indruk. En als dit het is, is dit het. Het zal anders zijn. Ons leven is al anders. Nu wordt het leven zoetjes aan weer beter anders. Tot hoever weet niemand. Maar de vrouwen die ik heb gespreken die een soortgelijk traject achter de rug hebben zijn positief. En mijn haar lijkt ook wel kleur te krijgen. Ik had grijs verwacht.

Gevolgen van chemo

Chemo kan gevolgen hebben en sporen achter laten.  Als ik de berichten lees op internet vervuld van boosheid en teleurstelling raakt het me. “Mijn leven kapot door chemo!” “Chemo heeft mijn relatie kapot gemaakt!” Ik weet nog niet hoe het zal zijn als het achter de rug is. Ik kan me voorstellen als je relatie niet helemaal lekker gaat dat dit proces de aftakeling versneld. Dat is niet leuk en als je kanker hierdoor overleefd hebt, wat is dan meer waard?

Verlangen naar gelijk gestemde

Mijn verlangen naar gelijkgestemden werd gisteren weer rijkelijk vervuld. We zaten/ lagen deze keer met zijn vieren op de zaal. Een dame die geopereerd was aan darmkanker en ter preventie vier behandelingen krijgt. De oudere dame die levensverlengende behandeling krijgt. Mijn maatje en ik. Wij zijn het roerend met elkaar eens dat overleven prioriteit heeft en wij zelf verantwoordelijk zijn. Enerzijds afhankelijk van de deskundigen en de keuze te laten behandelen ligt ten aller tijde in ons eigen handen.

Verlangen naar afronding.

Mijn herstel maatje kreeg gisteren haar laatste chemo toegediend. We hebben presentjes aan elkaar uitgewisseld omdat we van elkaars gezelschap hebben genoten. Je bent daar toch een paar uur aan elkaar overgeleverd en dan is het fijn een beetje te kletsen met iemand die ook optimistisch in het proces staat. Dat is wel eens anders en dan kan je geen andere kant op dan terugtrekken in jezelf. Dus ik ben dankbaar voor dit fijne contact hoe het verder ook verlopen zal. Ga haar vast en zeker missen de aankomende weken. Ik verlang ook naar afronding. Afronding en een periode van rust. Ook al zullen er weer afspraken zijn voor scans en dergelijke. Het einde van deze fase is in zicht 4, 3, 2, 1, 0 !!!!!

77. Angst voor de dood

Angst voor de dood

Angst voor de dood. Naast angst door schuld en schaamte kan er natuurlijk ook angst zijn ontstaan voor de dood. Heel in het begin, bij het horen van de diagnose borstkanker heb ik dat wel ervaren. Niet zo zeer angst om dood te gaan, maar voor de gevolgen voor mijn dierbaren. Als ik het terug lees raakt het me nog steeds diep. Vooral voor de gevolgen en veranderingen in het leven mijn jongste, Jaro, die nog thuis woont (blog 3) Dat vond ik heel zwaar te verdragen.  Het liefste wordt ik 100 samen met René. En hij is volwassen, het zou pijnlijk en verdrietig voor hem zijn. Na een periode van rouw komt er weer ruimte. Wat we gehad hebben, neemt niemand ons meer af! Mijn oudste Anco is ook volwassen en woont samen. Dan is er al meer afstand, hoewel hij ook zo nu en dan nog een beroep doet op zijn moedertje. Natuurlijk ben ik er dan met liefde!

Sterven 

Sterven zelf zie ik niet zo tegenop. Doodgaan hoort voor mij bij het leven, net als geboorte. Een hemel of een hel geloof ik niet in. Ik geloof wel in een zielenwereld waar alles neutraal is. Wij hebben een lichaam om te ervaren, te voelen en te leren. Na de het overlijden noemen we het ook “het ontzielde lichaam”. Die ziel gaat ergens heen. Als mijn levenscyclus voltooit is denk ik niet dat ik er moeite mee heb mijn kleed te laten vallen. Dit komt misschien ook omdat mijn moeder dat met gratie deed. Zij was naar mij toe vol vertrouwen toen zijn euthanasie liet plegen. Zij vertrouwde op een nieuw begin. Een overgang of doorgang naar het hiernamaals, Daar werd zij opgewacht door haar broer en ouders. Daar ging zij mijn vader opwachten. Op het einde had ze zo veel pijn dat ik het haar alleen nog maar kon gunnen om daarvan verlost te zijn. Natuurlijk was er ook verdriet om mijn vader alleen achter te laten. En zij accepteerde haar lot.

Toekomst perspectief

Toekomst perspectief. Toen in het eerste gesprek met de oncoloog bleek dat we toekomst perspectief hebben (blog 8) ging er een knop om. Ik dacht: “Dit kan ik, dit kunnen wij”. Inwendig had ik al overwogen om chemo te weigeren als de uitslag anders zou zijn. Levensverlengende behandeling betekend niet altijd een goede levenskwaliteit. Dan zouden we toch voor andere keuzes komen te staan. Gelukkig was dat niet het geval. En ik zie nu ook dat er zo veel mogelijk is. Gisteren zat ik nog op de zaal met een dame die al vijf jaar om de acht weken behandeling krijgt zolang ze leeft of zelf beslist te stoppen. Een dame wiens man overleden is en alleen woont. Wel trek heeft maar geen smaak meer ervaart en toch kiest om te leven. 

Angst voor de dood of angst om te leven?

Misschien is de uitnodiging voor mij angst te overwinnen om te leven? Het zal misschien niet altijd zo overkomen en door schaamte en schuldgevoelens heb ik flink geworsteld omdat ik dacht dat ik er niet mocht zijn. Die boodschap werd me regelmatig duidelijk gemaakt. Gelukkig kreeg ik ook andere boodschappen, maar het had toch invloed op mijn ontwikkeling. Door mijn studie en bijbehorende leertherapie heb ik mooie stappen gezet en ik hoop dat dit het staartje is. Zo’n confrontatie met de dood. Hoe ik mijn kankerdiagnose in eerste instantie toch heb ervaren – plotseling zag ik mijn crematie al voor me –  Gaat me niet in de koude kleren zitten. “Wat wil ik nog met mijn leven?”, “Waarom wil ik blijven leven?” Vroeg ik mezelf af. “Uit angst voor de dood?” of “Om verlangen naar het leven en de toekomst?” Moge duidelijk zijn dat mijn verlangen naar het leven en de toekomst mijn drijfveer is. Dit herstelproces geeft nu veel tijd en ruimte voor evaluatie van mijn leven. Natuurlijk zijn er momenten van schaamte, schuld of spijt. Ik wist toen niet anders maar ik heb er wel van geleerd. Dat is waar ik nu ben. Ik kan mezelf vergeven.

76. Schuld en schaamte

Schuld en schaamte

Schuld en schaamte. Dit thema houdt mij de afgelopen dagen bezig. Schuld en schaamte zijn vast niet erg bevorderlijk voor herstel. Het feit dat mijn tumor slinkt zegt mij dat mijn herstel voorspoedig verloopt. Hoe deed ik dat? Met name in blog 60 heb ik er ook al iets over geschreven. Ik denk dat ik ergens onderweg in mijn leven doorgeschoten ben in het luisteren naar mijn innerlijke criticus want op het moment dat ik een diagnose kreeg, dacht ik dat ik iets verkeerd had gedaan! Anders krijg ik toch geen kanker? Soort van boete doen. Daardoor voelde ik me soms best angstig en onzeker. Mijn innerlijke criticus riep, “je hebt te kort dit gedaan, je hebt te veel dat gedaan! Je had beter moeten, etc.”

Innerlijke criticus

Op zich zijn schuld en schaamte besef nuttig voor de ontwikkeling van ons geweten. De mening van anderen leert ons vooral om aan te passen aan de ongeschreven regels binnen een groep. Zodat we erbij horen en goed functioneren in de maatschappij. Maar het kan ook een enorme druk geven. Misschien is het over het algemeen zo dat de mensen die ziek worden mensen zijn die erg hard hun best doen of vaak hun mond houden terwijl zij voor zichzelf willen opkomen. De enige aan wie ik dan een excuus verschuldigd ben, ben ik zelf! Ik dacht heel lang dat mijn innerlijke criticus veroordeelde, waardoor ik zweepje 35 uit de kast haalde om mijn toch grenzen te verleggen. Misschien heb ik de mening van anderen te groot en te bepalend gemaakt. En is het tijd nog beter voor mezelf te zorgen.

Ideale zelf en mijn wil

Mijn ideale zelf wil altijd door iedereen goed worden beoordeeld. Maar in de realiteit is dat te hoog gegrepen. Omdat ik graag gezond wil zijn en nu kanker heb, ben ik niet wie ik wil zijn. Ik wil graag iemand zijn die gezond is. Die goed voor zichzelf zorgt en sterk is. Want sterke gezonde mensen worden, in mijn hoofd, niet ziek. Dus zegt mijn innerlijke criticus. “Jij bent niet goed, want bent ziek. Het is jouw eigen schuld. Door deze innerlijke communicatie met mezelf werd ik niet vrolijk. Het gaf me een zwaarmoedig en en down gevoel. Gevoel van leegte, het is niet haalbaar voor mij. Het maakte dat ik me lusteloos voelde (blog 61) Alles leek te hoog gegrepen. Mijn innerlijke criticus riep: “Je schiet te kort! je faalt!” Ik kon natuurlijk alle schuld buiten mezelf leggen om mijn geweten te sussen. Ook dat brengt gevoel van onmacht, leegte en angst. “Ik kan het niet, het heeft geen zin”.  Een gevoel wat veel jongeren in deze tijd zullen herkennen…. 

Mijn ideale zelf en moeten

Mijn ideale zelf is ook gebaseerd op wie ik zou moeten zijn. Ik zou een perfect gezond voorbeeld moeten zijn, die leeft volgens de regels van hoe het zou moeten. Door dat  mezelf dat keer op keer wijs te maken. Of te luisteren naar anderen die mij dat vertellen, kwam ik op het pad van schuld en schaamte terecht. Gelukkig ben ik al een poosje van dit padje af. Hoewel…in blog 28  dook dit thema ook de kop op. Toen mijn haar uitviel en besloot dat de tondeuse erover mocht, had ik er moeite, mee dat het zichtbaar werd. De hele wereld kan zien dat ik chemobehandelingen krijg. Daar vinden zij vast iets van, “want het is natuurlijk jouw eigen schuld! “, oordeelde mijn innerlijke criticus.” Als ik erop op terug kijk, denk ik dat ik deze gevoelens redelijk op tijd heb kunnen relativeren. Door bewust naar deze gevoelens te kijken heb ik het moeten aardig kunnen ombuigen van naar moed.

Schuld, schaamt en de realiteit.

Schuld, schaamte en angst gevoelens zijn verschrikkelijk lastig te hanteren. Ik ben zo blij dat ik geleerd heb met afstand te kijken naar deze gevoelens. Als je een schilderij bekijkt terwijl je er met je neus op staat, kan en prachtig schilderij lelijk zijn. Door afstand te nemen van mijn schuld en schaamte gevoelens kan ik het geheel overzien. Net als een schilderij wat er op afstand wel prachtig uit ziet. De realiteit omvat meer dan een detail.  Er spelen meer factoren mee die ziekte veroorzaken en ik heb mijn hele leven mijn uiterste best gedaan en dus ook veel goed gedaan. Het pakte soms anders uit en mijn bedoelingen waren goed. Blijkbaar waren er ook te veel stress factoren in mijn leven en genetische aanleg waardoor ik kwetsbaar ben voor deze ziekte.

Angst

Ik hoef niet meer bang te zijn voor oordelen van anderen. Soms ben ik dat nog wel. In de loop van de jaren heb ik geleerd mijn gevoel van schuld en schaamte door oordelen van anderen beter te leren hanteren. Ik heb nu ook aan het  moedeloze lusteloze, verlies van wil kracht gevoel geproefd. Gelukkig ging het bij mij weg door er de ruimte aan te geven. Misschien is mijn angst voor de dood nu groter dan mijn angst om te leven. Of is mijn wil om te leven en mijn verlangen om bij te dragen aan het welzijn van anderen nu groot genoeg om beide angsten te overstijgen?

Mijn realistische zelf

Ik hoop van harte dat dit proces rond borstkanker mij helpt mijn ideale zelf nog meer los te laten. Zodat ik mezelf kan bevrijden van nog meer schuld en schaamte gevoelens. Mijn huidige, realistische zelf nog meer durf te laten zien. Mijn realistische zelf met al mijn mogelijkheden, kwaliteiten en imperfecties. En anderen van dienst te zijn bij het vinden van zichzelf.

Hoe bevrijd ik mij uit de gevangenis van schuld en schaamte?

In blog 51 schreef ik over angst hanteren. We weten allemaal dat angst een slechte raadgever is en tevens nuttig, want het waarschuwt voor gevaar. Ik kies er liever voor (blog 63) me te laten leiden door vertrouwen (blog 71) dan dat ik lijdt in de gevangenis van angst. (blog 73) Angst is mijn niet raadgever en wel mijn bondgenoot. Mijn innerlijke criticus doet een poging mijn angst te helpen mij te beschermen. Door mijn innerlijke criticus aan te horen en de realiteit te zien bepaal ik met welke keuze ik het beste voor mezelf zorg.  En dat ervaar ik als heel bevrijdend.

75. Conditie

Conditie

Mijn algehele conditie rent achteruit! Onwijs, ik na het minste geringste bekaf. Hoe beter mijn conditie is, hoe beter ik door de chemo behandeling kom. Maar de laatste loodjes maken het niet gemakkelijk om conditie te behouden. De afgelopen jaren ben ik al niet zo’n fanatieke sporter meer. Wel bewegen, maat niet echte uitdagende grensverleggende prestaties. Nu is het inmiddels diep triest met me gesteld. Vandaag heb ik wel gewandeld en we hebben boodschappen gedaan. Dat was het dan wel weer zo’n beetje. Bizar hoeveel de chemobehandeling vraagt van een lichaam.

Geheugen

Mijn geheugen werkt nogal selectief. Ik ben ontzettend blij dat ik boeken en dingen die me interesseren nog goed kan volgen. Echter andere dingen kunnen volledig langs me heen gaan. Rekeningen maken is nu geen goed idee. Tenzij je ze over wilt maken. Dan moet je het mij laten doen! En ik moet onwijs focussen op één ding wil ik iets gedaan krijgen. Niet tegen me praten als ik bezig ben en vooral. Vertel in drie zinnen de essentie van wat je wilt zeggen. Want vol is vol. René kijkt me beteuterd aan; “Dit was net één zin…” Ik ga ervanuit dat het weer beter wordt, ooit. Nu even niet.

Conditie en intimiteit

Conditie intimiteit en seks. Pffft! Dat ik kaal ben is niet zo erg. Ik voel me nog steeds vrouwelijk. Misschien wel vrouwelijker. Net als een man die een rok draagt. Ik zie mannen dan in hun houding compenseren. Maar, mijn soms toch wel wat smallere gezicht met daaronder een  rimpelig schildpad nekje, boven mijn lijf met extra kilo’s. Zucht…. In de realiteit valt het wel mee, maar ik voel me enorm opgezwollen als Barba mama. Dat doet wel iets met mijn gevoel van optische  aantrekkelijkheid. Maar het belangrijkste is het gebrek een energie. Ik heb amper de puf om te verbinden en tot liefdevolle fysieke uitwisseling te gaan. Ik leef momenteel op mijn waakvlammetje. Als ik denk dat er mannen of vrouwen zijn die evengoed een appel doen op hun partner tijdens chemo behandeling keert mijn maag om. Misschien zijn er ook patiënten die er juist behoefte aan hebben? Net zoals ik in eenzame opsluiting leef. Zijn er ook patiënten die juist opbloeien van bezoek. Ik kan me er nu niets bij voorstellen.

Conditie onderhouden

Conditie onderhouden tijdens de laatste loodjes vind ik niet gemakkelijk. Gelukkig lukt het nog redelijk te bewegen. Ik moet dan onderweg wel over een hekje klimmen. Guttegut! Ik kijk eerst om me heen of er geen bekende zijn, want het ziet er niet uit volgens mij. Huh, één, uh, twee… Argh, hupsekeee!  Ik gebruik druppels, om mijn lever en nieren te ondersteunen. Probiotica ter ondersteuning van mijn darmflora en Selomethonine tegen neuropathie. Wij eten over het algemeen gezond en op dagen dat het niet lukt te wandelen zet ik het raam open. Geen idee of het helpt? Ik weet niet hoe het is om dit proces zonder deze middelen te doorstaan. En ik denk graag van wel, hoewel pijn en vermoeidheid nu toenemen, denk ik dat er slechter kan. Mijn geestelijke conditie probeer ik op peil te houden door betrokken te blijven op afstand. En wanneer haalbaar vakliteratuur te lezen. Maar vooral door te begrenzen en selectief te zijn. Morgen is er weer een dag en anders volgende week!

 

 

74. Anders

Anders

Anders, doe het eens anders. Om te beginnen bij de uitspraak: Lijden heeft alleen zin als jijzelf anders wordt Betekend het dat ik zou kunnen veranderen. Dingen anders kan doen. Zelf verantwoording kan nemen voor mijn welzijn. Een arts kan mij vertellen wat ik moet doen en ik beslis of ik dat doe. Wat ik doe en wanneer ik dat doe. Niemand heeft mij gedwongen chemotherapie toe te staan. Iedere week klim ik vrijwillig in die stoel. De informatie krijg ik aangereikt. Het is aan mij of ik het lees en me verdiep in de bijwerkingen. 

Verandering is het enige constante

Verandering is het enige constante. We veranderen constant, ook als we volwassen zijn. De natuur veranderd constant. De seizoenen, geen dag is hetzelfde. Ik ben nu vijftig, dus een groot deel van de kostbare tijd die ik heb op de aarde is al voorbij. Ik ben over de top en begonnen aan de herfst van mijn leven. Dat wil niet zeggen dat ik geen momenten van lentekriebels meer ervaar! De verhouding is anders. Ik wil mijn tijd, die ik nog heb zinvol benutten. Verandering hoort daarbij. Ik maak andere keuzes dan tien jaar geleden omdat ik veranderd ben. Als doende heb ik geleerd. Dat is het cadeautje van ouder worden. Kennis en ervaring vormen wijsheid. “Eigen – wijsheid”

Opvliegers

Opvliegers, om gek van te worden! De hele dag door wordt ik overvallen door een soort koorts piek, waarna het zweet me uitbreekt. Zonder inspanning vooraf. Als ik dit jaren geleden had gehad, was ik misschien in paniek geraakt. Inmiddels vind ik het vervelend en wacht ik rustig af tot de spontane koorts piek daalt. In gedachte hoor ik meester Sjaak van euritmie: “Koorts is verbranden van het oude” en ik denk “Ja”. Als meisje kreeg ik de verantwoording in mijn schoot geworpen van het vruchtbaar zijn. Menstruatie was is iedere maand schoonmaak van de baarmoeder en spuien van geestelijke ballast. Nu ruim ik andere oude shit  op, zodat er weer ruimte komt voor iets anders. Nieuwe groei. Ik ga over naar een nieuwe fase van mijn leven. Van meisje naar moeder, van moeder naar wijze vrouw tot aan oude bes. Ik wil het allemaal graag ervaren. Opvliegers horen bij deze verandering. Mijn leven wordt weer anders. Het is de natuurlijke weg.

Mijn gebruiksaanwijzing

Mijn gebruiksaanwijzing is niet jouw gebruiksaanwijzing.(blog 51) En dat hoeft ook helemaal niet! Het laatste wat ik wil is mensen de indruk geven dat ze dingen moeten aanpakken of moeten denken zoals ik dat doe. Ik experimenteer en kies uiteindelijk wat bij mij past en haalbaar is. Ik zie dat als mijn verantwoording. Zo wordt mijn gebruiksaanwijzing steeds uitgebreider. Veranderingen hoeven niet groot te zijn. Om een simpel voorbeeld te geven: Koffie.

Koffie

De cafeïne vrije koffie smaakt mij minder goed. Nu mengen we het en dat bevalt beter. Of dat nu goed of fout is, maakt me niet zo veel uit. Voorbij angst, schaamte en schuld vind ik acceptatie en moed. (blog 60) Het werkt want de galbulten blijven weg. Ik doe dus wel iets anders en wel zo, dat het voor mij haalbaar is, afgestemd op mijn omgeving. Die ik zelf heb gekozen en waar ik me prettig voel. Ik ben juist blij dat anderen een andere gebruiksaanwijzing hebben. Met andere kwaliteiten en interesses. Bij een beroep als chirurg, metselaar of operator, zou ik er een rommeltje van maken!

Inspiratie om anders dan anders te doen

Inspiratie om dingen anders dan anders te doen vind ik in heel veel dagelijkse dingen. Daarnaast vind ik het heerlijk bevestiging te vinden. Tenslotte draait het altijd om balans vinden van tegenstellingen in het leven. De juiste mengverhouding tussen jong en oud. Geven en ontvangen. Actie en rust. Uniek zijn en erbij horen. Anders zijn en gelijkgestemden vinden. In onderstaande video verteld Henk Fransen over zijn visie, waar ik veel herkenning en inspiratie in vind.

73. Lijden

 Lijden

Lijden vinden we over het algemeen niet fijn.  Tenminste, ik niet. En ik denk dat niemand er voor de lol voor kiest om te lijden. Ik heb kanker, ik lijd aan kanker en ik weiger mij door kanker te laten leiden. Ik ontving een reactie van een lotgenote die aangaf dat zij moeite heeft te vertrouwen opdat het goed komt. Om me heen hoor en zie ik dat ook vaak. Angst voor een fatale afloop. Hoe hanteer ik dat?

Toeval bestaat

Toeval bestaat, want toevallig las ik net het boek “Het leven heeft zin”, door Victor E. Frankl. De Oostenrijkse neuroloog en psychiater die de holocaust overleefde. Het lezen van dit boek valt volgens mij zonder chemo hoofd al niet mee. Want wat een taalgebruik en filosofische wendingen. Voor mij is het bijna taalkundige wiskunde. Wow! Maar deze man, tevens schrijver van “de zin van het bestaan” zet mij wel aan tot denken. Tenslotte willen we allemaal van betekenis zijn. Dat ons leven en bestaan ertoe doet. Victor Frankl ontwikkelde logotherapie zodat mensen zingeving kunnen herontdekken in hun bestaan. Zelfs zingeving kunnen vinden in het lijden als ze nog maar kort te leven hebben.

Lijden

Lijden vind ik heel akelig. In het begin van mijn proces heb ik wel degelijk angst gevoeld om te sterven. Op het moment dat ik hoorde dat de tumor behandelbaar was heb ik mijn focus op de behandeling gericht. Want ik heb nog helemaal geen tijd om dood te gaan! Ik heb zo veel om voor te leven. Ik heb een doel en dat maakt dat mijn leven zin heeft. Doordat ik nu borstkanker heb, maak ik noodgedwongen een proces mee waardoor ik mezelf overstijg. Er zijn inmiddels al heel wat grenzen verlegd. Ik maak contact met mijn innerlijke kracht waardoor ik merk dat ik tot meer in staat ben dan ik ooit had gedacht. En ik ben ook zeker van plan om daar in de toekomst gebruik van te maken ten bate van het geheel. 

Lijden aan angst

Lijden aan angst zou mijn proces vertragen. Een mens lijd het meest onder het lijden dat hij vreest. (blog 60) Als ik mijn aandacht zou richten op mijn angst, vreet dat energie. En het ontneemt mijn eetlust waardoor ik verzwak. Ik heb mijn energie hard nodig voor mijn herstel. Vanaf het moment dat ik mezelf afvroeg: “Waarom zou ik blijven leven?” Kwamen de antwoorden vanzelf. Dit betekend niet dat ik garantie heb dat ik borstkanker zal overleven. Het betekend ook niet, dat de tumor weg blijft of dat ik me nooit bang of verdrietig voel. Maar stel je voor dat het wel goed gaat? Dan verdoe ik mijn kostbare tijd die ik nu heb met mezelf door angst te verstikken. Ook ik weet niet wat de toekomst brengt. Wat ik wel weet, is dat als ik mij richt op een fatale afloop ik veel energie verlies. En daarmee mogelijk een fatale afloop op mij afroep omdat ik mijn kostbare energie verspil. Alles waar je aandacht aan geeft groeit. Angst of herstel? Ik kies voor herstel. (Blog 63)

Toevallig….

Toevallig trok ik de kaart van de bergleeuw van mijn inzichtkaarten (blog 45). Deze spreek over verantwoording nemen. “Verantwoordelijkheidsgevoel is niets anders dat het gevoel dat je  verantwoord kunt omgaan met elke situatie.” Een situatie met ziekte is nieuw en afschrikwekkend. Ik begrijp heel goed dat veel lotgenoten angst koesteren. En ik denk: “Wat heb ik er nu aan om me zorgen te maken?” Als het terug komt, komt het terug. Daar kan ik nu niets aan doen. Wat ik wel kan doen, is nu goed voor mezelf zorgen. Dat doe ik door me te richten op dingen die voor mij zinvol zijn in mijn leven en onze toekomst. En door gevoelens van lusteloosheid toe te laten kreeg ik weer contact met mijn zin. Kwam ik tot bezinning (blog 62

Verantwoording nemen door lijden

Verantwoording nemen door lijden ligt in kleine en grote dingen. Pijn hoeven we dankzij goede medicatie nauwelijks meer te ervaren. Zelf kan ik daar nogal koppig in doen. Ik slik liever geen medicatie. Zelfs geen paracetamol als het effe niet hoeft. De afgelopen tijd krijg ik steeds meer pijnklachten. Ik weet dat als ik pijnstilling overdag neem, dat ik veel meer doe dan goed voor mij is. En voordat ik ga slapen is er niets mis mee om een paracetamol te nemen. De arts zegt: Je kunt ze op je nachtkastje leggen. Als je wakker wordt liggen ze voor het grijpen. Ik kijk haar aan en zeg: “Daar liggen ze al, het komt komt gewoon niet bij me op!” We lachen samen. Sinds afgelopen weekend neem ik af en toe een paracetamol. Ik slaap een stuk beter. En een goede nachtrust scheelt zo veel! Deze verandering werkt.

De zin van het lijden

Het heeft een reden dat veel mensen na herstel van een ernstige ziekte andere keuzes maken in liefde, in werk of houding. Ze hebben een kracht in zichzelf ontdekt die ervoor zorgt dat ze durven te kiezen en verantwoording durven te nemen voor hun geluk. Dat geeft betekenis aan hun lijden. Juist daar waar we hulpeloos en hopeloos zijn omdat we aan de situatie niets kunnen veranderen. Daar wordt verlangt dat wij onszelf veranderen. Zoals een overlevende van Auschwitz zei: “Lijden heeft zin wanneer jijzelf een ander wordt”

72. De laatste loodjes

De laatste loodjes.

De laatste loodjes wegen het zwaarst. Dat begin ik zo nu en dan al te merken. Wat ik ook merk als ik me zo voel, is dat ik me zorgen ga maken. “Zouden mijn bloedwaarden wel goed zijn?” Aan de ene kant zou ik graag een week over slaan om bij te komen. Aan de andere kant wil ik doorpakken en geen tijd rekken. En dan krijg ik weer een uitslag die supergoed is voor een volgende ronde. Op de een of andere manier voel ik me meteen een stuk fitter. Niets vergeleken met hoe het was zonder chemo, hoewel ik toen ook al vermoeider was. Het sluipt erin. Kanker meld zich heel geleidelijk, waardoor er alle ruimte is voor andere excuses voor vermoeidheid. Achteraf denk ik ja, signalen waren er wel.

Precies op de helft

Gisteren was ik precies op de helft van de 12 wekelijkse kuur. Brian sloot het infuus aan. Ik vind het wel leuk dat ze verzorging afwisselen. We maken kennis met veel verplegers die ieder op hun eigen wijze zich inzetten voor ons. Brain is de enige (jonge)man die ik tot nu toe heb gezien. Hij handelt erg zorgvuldig, was me al opgevallen. En Brain is super empathisch, beleefd, belangstellend en vriendelijk tegen alle patiënten. Omdat mijn huid taai is geworden en ik waarschuw voordat hij gaat prikken, verteld Brian dat ze met deze infusen op elkaar oefenen tijdens de opleiding. Best spannend voor de studenten. Het valt me trouwens op dat er veel jonge mensen werken op deze toch wel pittige afdeling. Deze taak is niet voor iedereen weggelegd. Ze noemen dat wel een roeping. Iets met zielsniveau? Ik zie Brain nog wel doorstromen naar een arts functie. Zijn vraagstelling doet mij vermoeden dat deze jongeman meer in huis heeft.

Maatje

Met twee vrouwen en mezelf hebben we inmiddels een herstelmaatjes groepsapp. Het ene maatje is al klaar met chemo en de andere nam gisteren hijgend naast mij plaats. Hijgend want de lift was stuk. We konden met een andere lift maar wij vrouwen van het land gaan eigenwijs vier hoog de trap op. Ook ik kwam hijgend met hartkloppingen boven aan. Iets met laatste loodjes? Mijn hemel, wat voelt het af en toe sneu joh! Ik hoor dat ons andere maatje de vrijdagochtenden mist. Daar kan ik me iets bij voorstellen, want ondanks alles hebben we samen veel leuke gesprekken. En gisteren zelf jong leven in de zaal. Een jongetje mocht mee vanwege de vakantie. Super saai voor zo’n kereltje en hij deed het hartstikke goed. Was voor ons een leuke afleiding.

Nog vijf.

Nu nog vijf weken chemo voor mij. Mijn maatje mag al de dagen aftellen. Zij heeft vrijdag de laatste! Ook zij voelde nadat ze op de helft was dat de frequentie parten gaat spelen. En de laatste loodjes zoetjes aan zwaarder tillen. En dan zijn we er nog niet. Na de scan die volgt mogen we een aantal weken bijkomen voor de operatie. Na de operatie volgt er weer een paar weken bijkomen voor het bestralen. Ik krijg daarna nog hormonenpillen. Het schijnen heksen pillen te zijn waar ik nog pinniger van kan worden. Arme René, maar het voorkomt wel herhaling. Dat is dan weer positief. Misschien krijg ik wel overbeharing en een baard! En ik maar denken dat deze weken de laatste loodjes zijn!